Het liefst delen we alleen de positieve verhalen uit ons werk, maar de realiteit is helaas anders. Dagelijks lopen we tegen dichte deuren, verouderde wet- en regelgeving en ingewikkelde bureaucratie aan. In de rubriek ‘Signaal uit het veld’ stellen we een probleem aan de kaak of delen we succesverhalen vanuit een situatie of casuïstiek die we hebben meegemaakt. In deze blog hebben we het wederom over een casus waarin het aanvragen van een Wlz-indicatie is verlopen op een ‘opmerkelijke’ manier.
Een terechte Wlz-indicatie, maar waarom pas nu?
Soms zijn er momenten in ons werk als onafhankelijk cliëntondersteuner waarop we ons achter onze oren krabben. Niet omdat de uitkomst onterecht is, maar omdat de route ernaartoe zo onnavolgbaar en frustrerend is. Deze casus is daar een perfect voorbeeld van.
Een 17-jarig meisje zit in de laatste fase van haar schooltijd op het speciaal onderwijs. Haar uitstroomprofiel is duidelijk: dagbesteding. Haar eindstage wil ze bij de dagbesteding doen, maar hier is een Wlz-indicatie voor nodig, omdat de organisatie dagbesteding levert; al noemt de school het stage. Zij vragen daarvoor de reguliere vergoeding dagbesteding uit Wlz ZIN. Het meisje heeft geen Wlz-indicatie en familie vindt dat verder ook niet nodig. Daar begint de uitdaging.
Normaal gesproken…
Wanneer wij als cliëntondersteuners een Wlz-aanvraag indienen, vraagt het CIZ een uitgebreid dossier. In dit geval zou er een IQ-test moeten zijn en meer uitgebreide documentatie over het functioneren van de cliënt; zonder deze stukken wordt een aanvraag niet in behandeling genomen. In dit geval was er alleen het document van het genetisch onderzoek bij geboorte en een overgangsrapport van school met leerdoelen en uitstroomprofiel.
Wij wisten dat dit normaal gesproken onvoldoende is voor het in behandeling nemen door het CIZ van een Wlz-aanvraag in Portero. De ouders hadden tot dan toe ook nooit de noodzaak van een indicatie gevoeld. Maar nu gaf de school aan: zonder Wlz mag ze niet op stage. De rest van de klas wel, zij niet. Een hard gelag, zeker omdat de leerplicht nog geldt. Ze zou dan in haar eentje op school alternatieve opdrachten krijgen. De ouders hadden dus weinig keuze. Wij stonden hen bij en adviseerden: niet aanvragen was een optie, maar dit meisje is levenslang afhankelijk van begeleiding en zorg en op zich is Wlz wel passend. Ook voor andere toekomstige zaken is de duidelijkheid van een Wlz-indicatie praktisch. Begeleid wonen zal bijvoorbeeld een reële optie worden en zonder Wlz is dat bijna onmogelijk.
En toen gebeurde er iets opmerkelijks
De school diende de aanvraag in, met precies dezelfde gegevens die wij als cliëntondersteuners ter beschikking hadden. Er was geen gedragsdeskundigrapport, geen intelligentieonderzoek, geen betrokken arts verstandelijk gehandicapten (AVG)… Alleen het overgangsrapport en het genetisch onderzoek, dat verder niets vertelt over haar functioneren en ontwikkeling (bij deze genetische aandoening bestaat er een grote verscheidenheid aan functioneren). Binnen no-time werd er een VG4-indicatie afgegeven. Dat was inderdaad een passend zorgprofiel. Maar wat wringt, is dat een dergelijke aanvraag van ons via Portero niet in behandeling zou worden genomen of om aanvullende informatie zou worden gevraagd, voordat ze het in behandeling kunnen nemen.
Waarom wordt onze expertise in twijfel getrokken?
Wij dienen uitgewerkte onderbouwde aanvragen in via Portero, volgens de (meestal) terechte eisen van het CIZ. Hoe kan het dan dat een school met een stempel op een aanvraag, zonder verdere onderbouwing of ondersteunende documenten, wel een directe goedkeuring krijgt?
Dit voelt alsof we niet worden gezien als professionals. Tegenover de cliënt doet het zich lijken alsof wij er geen verstand van hebben. Dit zeggen we niet omdat we het meisje haar indicatie misgunnen – integendeel, we vinden dat er juist veel meer jongeren op deze manier een passende indicatie moeten krijgen. Maar mag dat dan ook met onze stempel erop? We willen geen voorkeursbehandeling, we willen een gelijke behandeling. Elke aanvraag moet goed, maar ook zó onderbouwd worden, dat we ons zorgsysteem niet overbelasten.
De willekeur binnen het CIZ
Het probleem zit hem niet in de medewerkers bij het CIZ. We hebben intern gekeken wie er bij de dossiers betrokken was en daar geen directe lijn in kunnen ontdekken. Misschien is het toeval, misschien niet. Maar feit blijft: de verschillen in behandeling en afhandeling van aanvragen zijn enorm.
Dit is niet alleen frustrerend, maar ook inefficiënt. Dubbel werk voorkomen en een eerlijke, consistente behandeling van aanvragen; dat is waar we voor pleiten, zonder dat we het medische zorgsysteem nog meer overbelasten met extra werk dat inhoudelijk niets toevoegt. En bovenal willen we als professionals serieus genomen worden. Want we dienen deze aanvragen niet in voor onszelf, maar voor de mensen die het nodig hebben. Daar zou het om moeten draaien.

